Column
Paul Bosman

In naam van de mensheid
Een Nederlandse topambtenaar vertelde me eens dat zijn werk bij de overheid voor de ‘gehele mensheid’ was. Aan morele ambitie geen gebrek, zou je denken. Maar juist zo’n uitspraak roept een ongemakkelijke vraag op: wat gebeurt er wanneer iemand denkt, spreekt of handelt in naam van de mensheid?
Wie zich beroept op het hoogste goed, plaatst zichzelf al snel buiten bereik van tegenspraak. Wie kan immers nog bezwaar maken tegen alle goede bedoelingen voor ‘de mensheid’? Juist om die reden is dit soort taal aantrekkelijk voor bestuurders en wetenschappers.
Drie varianten
In de praktijk zien we drie populaire varianten van dit beroep op de gehele mensheid:
In naam van de mensheid kan men de eigen morele zuiverheid bewaren. Hegel noemde dit een schöne Seele: een moreel zuiver bewustzijn dat zijn zuiverheid bewaakt door vooral niet te handelen in het echte leven.
Elke handeling betekent immers een keuze, en elke keuze betekent conflict. Zo onttrekt de schone ziel zich aan de werkelijkheid en lost zij uiteindelijk op als “een vormeloze nevel in de lucht”. Met een beroep op de hele mensheid krijgt morele zuiverheid haar meest overtuigende vorm.
In naam van de mensheid kan men de werkelijkheid ook depolitiseren. Wie zich beroept op de mensheid impliceert dat er uiteindelijk één universeel belang bestaat. Normatieve keuzes worden zo herleid tot problemen met bijbehorende oplossingen.
Morozov noemde dat solutionisme. Wat in essentie politiek is, wordt zo een kwestie van ontwerpers en experts.
"Wie in naam van de mensheid handelt, kan uiteindelijk vrijwel elke ingreep rechtvaardigen."
In naam van de mensheid verdwijnen belangenconflicten niet, maar ze worden voorgesteld als technische vraagstukken binnen één verondersteld universeel perspectief.
Tenslotte kan men in naam van de mensheid zelfs ieder eigen handelen goedpraten. Zo kon na de Franse Revolutie in naam van de mensheid eenieder onder de guillotine belanden. Ook koloniale beschavingsmissies werden zo gelegitimeerd. Zelfs een oorlog die alle oorlogen zal beëindigen laat zich in die taal goedpraten. Wie in naam van de mensheid handelt, kan uiteindelijk vrijwel elke ingreep rechtvaardigen.
Laat ons in wetenschap en bestuur wat preciezer zijn, want in naam van de mensheid verdwijnt al snel de noodzaak om naar een ander te luisteren.
Paul Bosman (1993) is politiek filosoof en onderzoeker bij de maatschappelijke denktank Socires. Hij studeerde politicologie, religiewetenschappen en filosofie van cultuur en bestuur aan de UvA en de VU. Als buitenpromovendus schrijft hij een proefschrift over de politieke filosofie van Pierre Manent en het proces van Europese integratie.
alumnimagazine voor sociale en geesteswetenschappers juni 2026